02-03-11

Jonge democratie

Egypte en zijn revolutie is iets apparts. Hij hebben de wereld bewezen dat men een dictator kan ontronen zonder geweld en bloedvergieten. Hun boodschap van vrijheid, eenheid en solidariteit zal in de geschiedenisboeken worden geschreven als enig in de wereld. De weg naar de democratie is helaas nog lang. Toch is er een goede reden tot hoop en geloof in een betere toekomst. Dit zal vele obstakels helpen overkomen. Vele experten waarschuwen nu al dat men van een dictatuur niet dadelijk naar een democratie kan overstappen. De belangrijkste problemen die eerst moeten aangepakt worden zijn de extreme armoede, de economische ongelijkheid, culturele conflicten en de eenheid van een persoonlijkheid van de natie.

De democratie die in Europa gegroeid is door eeuwen heen, bijna, is het voorbeeld dat ook in deze staatsvorm niet alles over rozen loopt. Zelfs in een democratische staat heeft men armoede, culturele onenigheden en economische problemen, we hoeven daar niet eens zo ver naar te zoeken. Een westerse democratie is vooral gebaseerd op de middeklasse. In landen zoals Egypte is deze zeer klein. Hier door zou een democratie van het eerste uur moeilijk slaagkansen hebben. Eerst moet er gezorgd worden voor een balans tussen de klasse en een eenheid in nationale persoonlijkheid. Voor er over democratie kan gesproken worden, is er in landen zoals Egypte en Tunesië een constitutionele verandering nodig. Om dit samen te organiseren met het opstarten van een democratie, zou teveel van het goede zijn, volgens politieke experts van zowel het midden oosten als van het westen.

Waarin schuilt het gevaar van een democratie in het Midden-Oosten?

Als er een link is tussen een culturele groep en een economisch statussymbool, komt de democratie vlug in de problemen. Een minderheid heeft geen stem in een nieuwe democratie, door gebrek aan onderwijs, kansen en middelen om gehoord te worden. De politieke sociologist Michael Mann toonde in zijn boeken aan dat een democratie gebaseerd op ongelijkheid in de bevolking en tussen culturele eenheden, leidt tot intense conflicten naar ethnische groepen toe. In het Midden-Oosten kunnen we naast culturele en etnische groepen ook nog de religieuze groepen vermelden. In Egypte zou een democratie wel een redelijke kans hebben, aangezien deze groepen niet echt gelinked zijn aan financieel statussymbool. Zowel Christelijke als Moslims als Joden hebben in hun gelederen mensen die opgeleid zijn om een politieke rol op zich te nemen. Er is ook ook een culturele homogeniteit en nationaal eenheidsgevoel. Tussen de religieuze grote moslimgroep en de minderheden, zoals Kristenen en Joden, is er een grote graad van tolerantie en respect.

In andere landen zoals Syrie, Iran, Bahrain en Libie is dat heel wat minder. Daar is een middeklasse bijna onbestaande. Culturele eenheid is ook ver te zoeken en vele etnische groepen hebben weinig kansen op onderwijs of ontwikkeling. Zelfs als deze landen de dictator zouden kunnen onttronen, is het nog de vraag of de heersende politieke klasse zomaar het roer zal en kan overgeven.

Er zal, volgens verschillende politieke bronnen in het Midden-Oosten, eerst gezocht moeten worden naar een creatieve consensus, een formule die nog niet dadelijk een democratie zal zijn. De protesterende menigte in verschillende landen vormen nu een eenheid tegen één persoon, maar dat wil niet zeggen dat zij in andere punten tot een overeenkomst kunnen komen. Dit is een proces dat generaties duurt. Eerst zal er een wederzijds respect moeten groeien naar rechten en plichten in een samenleving als één natie. Een uniek cultureel leven zal gevormd moeten worden. Dit zal in een grondwet moeten gegoten worden wat daarna door verkiezingen verdedigd kan worden.

We zien een goed voorbeeld dat een massa geen democratie kan afdwingen, in de situatie in Argentinie. In 2001 kwam bijna heel de natie de straat op om heel de politieke klasse naar huis te sturen. Een half jaar later, zaten dezelfde terug in het parlement, de senaat en aan het hoofd als president. Er spelen nog andere dingen mee dan gewoon schreeuwen om democratie. Eerst en vooral moet de bevolking de spelregels kennen. Dit is niet het geval in het Midden-Oosten, noch in Argentinie, waar het democratische systeem zeer jong is. (na de val van de militaire junta in de jaren '90). Toch is de kreet om democratie geen loze kreet. De massa moet zich wel goed bewust zijn van het werk dat nadien zal moeten gebeuren: een grondwet, het opstellen van een verkiezingssysteem, een regeringssysteem, oplossen van economische problemen enzo. Er zullen voor velen onprettige beslissingen moeten genomen worden, en ook die velen zijn in een democratisch systeem, stemmers. Als nieuwspelers in een verkozen regering hiermee rekening houden, schiet er van een jonge democratie niet veel meer over.

Schrijver van dit artikel: Lev Grinberg, professor Politiek economie en sociologie aan de Ben Gurion universiteit van Negev. Auteur van van het boek: politiek en geweld in de zone Israel/Palestina, Democratie versus militair regime.

 

De commentaren zijn gesloten.