20-11-10

Landbouwopvoeding

Een betere opleiding en begeleiding van landbouwers wordt gezien als een must voor de toekomst. Landbouwers zullen geconfronteerd worden met grotere bedrijven, toenemende techniciteit, nieuwe kennisnoden en een grotere behoefte aan ondernemers- en managementkwaliteiten. Het departement Landbouw en Visserij ging daarom na welke mogelijkheden er zijn om het vormingsaanbod nog te optimaliseren.


Bron: vilt.be

Het uitgangspunt van de afdeling Monitoring en Studie (AMS) is dat de actieve landbouwer zich verder wil bekwamen en daarvoor scholing vraagt inzake technische kennis en ondernemerschap. Een betere opleiding en begeleiding kunnen de kansen van een bedrijfsleider immers gevoelig verhogen om een betere ondernemer te worden en een leefbaar bedrijf uit te bouwen. Opleiding en begeleiding zijn geen garantie op succes, maar verhogen wel de kans daarop.

Het vormingsaanbod is in Vlaanderen zeer groot: met een beetje goede wil kan je als landbouwer bijna elke dag wel ergens een of andere vorm van begeleiding ontvangen, vaak gratis of tegen een relatief lage kostprijs. AMS stelt vast dat er niet alleen zeer veel opleidingen zijn, maar ook zeer veel instanties bij betrokken zijn. Het begeleidingsaanbod wordt in eerste instantie georganiseerd en vormgegeven door de private sector. De overheid ondersteunt sommige onderdelen ervan en oefent daardoor een (beperkt) sturende werking uit.

Uit gesprekken met landbouwexperts uit de buurlanden Nederland, Frankrijk en Duitsland (Noordrijn-Westfalen) haalde AMS waardevolle ideeën voor de opleiding en begeleiding in Vlaanderen. Die ideeën zullen nu in overweging worden genomen om het Vlaamse vormingsaanbod te optimaliseren en zo goed mogelijk op de toekomst voor te bereiden. Landbouwers zullen immers niet kunnen ontkomen aan 'een leven lang leren'. Deze overtuiging leeft in onze buurlanden en wordt gepercipieerd als een trend.

Overweg kunnen met de computer lijkt een 'conditio sine qua non' voor de landbouwer die van alle markten thuis moet zijn. De Nederlandse sector lijkt hiervan bijna helemaal overtuigd. In Frankrijk en Noordrijn-Westfalen wordt een stevige inhaalbeweging noodzakelijk geacht. Ook bij ons is recent aan de bel getrokken door de vzw Boeren op een kruispunt omdat uit een enquête bleek dat 53 procent van de Vlaamse landbouwers geen computer gebruikt, waarbij dit gebruik daalt naarmate de leeftijd van de bedrijfsleider hoger is.

In de drie beschouwde buurlanden hebben in een recent verleden structurele aanpassingen plaatsgevonden op het vlak van de organisatie en de financiering van landbouwbegeleiding en -vorming. Overheid, onderwijs en onderzoek moeten zich ook in Vlaanderen kritisch bezinnen over wat hun rol in het toekomstige kennissysteem is en hoe zij kunnen samenwerken. Er kan gedacht worden aan een grotere financiële responsabilisering van landbouwers voor de begeleiding die zij nodig hebben. Vooral grotere bedrijven willen betalen voor advies, als dat van hoge kwaliteit is, voldoende gespecialiseerd en toegespitst op de specifieke bedrijfsomstandigheden.

Die denkpiste komt uit Nederland waar de klemtoon meer ligt op het ondernemer zijn dan op het uitoefenen van het beroep van landbouwer. Vanuit die optiek is het logisch dat zo’n ondernemer zelf op zoek gaat naar kennis, eerder dan dat de overheid op zoek gaat naar landbouwers bij wie ze kennis kwijt kan. Kennis heeft daarbij zijn prijs en wordt als een investering beschouwd waarvan de kost kan worden ingebracht in de boekhouding. Als gevolg van deze kost stellen Nederlandse landbouwers hoge eisen aan de kwaliteit ervan.

meer info?

11:53 Gepost door De Redactie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.